Angst

Ik sta op de Keizersgracht op Kirstie te wachten als ik een bericht van Kelly in onze familie chat lees: of we het al gehoord hebben van het drama met de bakfiets. Ik heb geen idee waar het over gaat dus ik ga direct naar nu.nl
Ik lees het nieuwsbericht over het drama dat zich in Oss voltrokken heeft. Mijn maag draait om. Het liefst zou ik een potje willen janken daar midden op die gracht, maar ik druk het toch naar achter. De rest van de dag blijft het wel bij me. Ik denk aan de leidster en de paniek die zij gevoeld moet hebben toen ze besefte dat het fout ging. Maar vooral denk ik aan de nietsvermoedende ouders die, net zoals Lennart en ik, de kinderen naar het kinderdagverblijf hadden gebracht om vervolgens naar het werk te gaan. En dat je dan dat telefoontje krijgt. Of dat je de politie binnen ziet komen wandelen (ik weet niet precies hoe dit soort informatie gebracht wordt) en dat dan in één klap je hele wereld in elkaar stort. Je ergste nachtmerrie is werkelijkheid: je kinderen zijn er niet meer. Ik probeer me voor te stellen dat mij dat vandaag zou gebeuren. Mijn enige conclusie was dat het leven voor mij dan ook niet meer zou hoeven.
Vroeger zei mijn moeder wel eens: ‘Als er iets met jullie zou gebeuren, dan hoef ik ook niet meer.’
Ik vond dat belachelijk. Hoezo niet? Er zijn toch nog wel andere dingen dan je kinderen om voor te leven?
Nu ik zelf moeder ben denk ik er niet anders over.

De angst om mijn kinderen te verliezen vind ik het moeilijkste van het ouderschap. Pas nu voel ik écht de pijn van die vader die zijn zoon op de MH17 zette, de wanhoop van die moeder die op het acht uur journaal huilt omdat ze haar kind verloor in een bombardement, de woede achter de tranen van de moeder van Nicky Verstappen en de hel waar de moeder van het pas verdronken 3-jarige meisje doorheen moet zijn gegaan toen ze haar na lang zoeken hebben gevonden. Voor altijd staat het beeld van het aangespoelde Syrische jongetje op het strand van Turkije mij in het geheugen gegrift. En regelmatig denk ik nog aan die arme Tijn die op vierjarige leeftijd al uit het leven moest stappen door die klote ziekte. Ik haal deze voorbeelden uit het nieuws aan omdat ik, sinds ik moeder ben geworden, het nieuws eigenlijk liever niet meer kijk om dit soort berichten te vermijden. Niet omdat ik niet op de hoogte van het nieuws wil blijven, maar omdat mijn moederhart het simpelweg niet kan verdragen dat er een mogelijkheid bestaat dat je je kind zou kunnen verliezen… op wat voor manier dan ook: zij het door een ongeluk, door ziekte of zelfs door het toedoen van iemand anders.
Ik lig daar soms wakker van. Het besef dat ik ze niet altijd kan beschermen, hoe graag ik dat ook zou willen, is een bijna ondragelijk en jaagt mij de diepste angst aan die ik ooit heb gevoeld. En dan te bedenken dat dit gevoel waarschijnlijk zolang als dat ik leef bij me zal blijven.

Toch moet je ook realistisch blijven. Ik kan ze moeilijk thuishouden van het kinderdagverblijf omdat er vandaag een ongeluk met een Stint is geweest. Of ze niet op schoolkamp laten gaan omdat er een mogelijkheid is dat ze niet meer terugkomen. Nooit meer op vakantie gaan omdat er een dodelijk ongeluk met een gezin op de snelweg is geweest of omdat er ergens een vliegtuig is neergestort.
Wat ik wel kan doen is honderd keer als een hysterische gillen dat Elliot niet te dicht bij de waterkant mag komen, driehonderd keer per dag controleren of Olive niks kleins in haar mond heeft gestopt, zeshonderd keer eisen dat Elliot mij een hand geeft bij het oversteken, ze duizend keer per week op hun hart drukken dat ze voorzichtig moeten zijn en simpelweg hopen dat ze goed op hun pootjes terecht komen in wat voor situatie dan ook.

Vandaag rijd ik met een ander gevoel naar het kinderdagverblijf. Het is dag van de leidsters. Elliot en Olive hebben vandaag knutselwerkjes en cadeautjes gegeven om de leidsters van hun groep in het zonnetje te zetten. Elliot rent vrolijk op me af als hij me ziet. ‘We hebben taart gegeten!’ roept hij.
De leidster van zijn groep bedankt me voor het cadeautje. Ik kijk haar aan en wil eigenlijk zeggen ‘bedankt dat jullie mijn kind veilig hebben gehouden vandaag’, maar dat doe ik toch niet.
Als ik Elliot en Olive eenmaal in de auto heb zitten word ik overladen met een gevoel van dankbaarheid.
Dankbaar dat ik vandaag mijn kinderen mee naar huis mag nemen.

Mijn gedachten gaan uit naar die leidster die vandaag in het zonnetje gezet had moeten worden en naar de ouders van de omgekomen kindjes. Ik hoop met heel mijn (moeder)hart dat ze op de één of andere manier kracht vinden in deze nachtmerrie.

 

Het leed dat boodschappen doen heet.

Het is zaterdagmiddag rond een uur of vijf. We lopen richting de Albert Heyn, Elliot en ik. Boodschappen doen stond al nooit hoog op het lijstje van favoriete bezigheden, maar sinds ik kinderen heb is het zo’n beetje het allerlaatste op de wereld wat ik wil doen. En het mooie is: het hoeft tegenwoordig niet eens meer! ‘Boodschappen doen is zó 2016,’ zei een vader die ik van de speeltuin ken. Hij heeft gelijk, want niks zo makkelijk dan vanaf je mobiel boodschappen doen bij Picnic (nee, dit is geen #spon).
De app heb ik al een tijd geleden geïnstalleerd, maar chaotisch als ik ben kom ik er iedere dag precies na 22:00 uur (de uiterlijke besteltijd) achter dat ik weer vergeten ben om naar de online supermarkt te gaan, waardoor een tripje naar de offline supermarkt helaas een must is.
En dat is de laatste tijd wel een dingetje. Dat tripje naar de Albert Heyn/Jumbo ziet er namelijk zo uit:

  1. kinderen aankleden
  2. Elliot in de auto zetten
  3. Olive in de maxicosi zetten die daar compleet van over haar toeren raakt, want ???
  4. Olive in de auto zetten
  5. Olive weer uit de auto halen, want poepluier
  6. Olive verschonen
  7. met een schuin oog in de gaten houden of niemand Elliot uit de auto jat
  8. Olive terug in de auto zetten
  9. Pippa naar binnen roepen
  10. met een verhitte kop naar mijn huissleutels zoeken
  11. sleutels in de speelgoedtractor van Elliot vinden
  12. na drie kwartier dan eindelijk vertrekken
  13. zoveel mogelijk blijven rijden zodat olive niet bij elk stoplicht begint te krijsen
  14. parkeren en met een maxicosi van 7 kilo en een stuiterende peuter aan de arm richting de karretjes
  15. proberen Elliot in de kar te krijgen voor hij de kleine karretjes ziet
  16. Te laat
  17. Gillende Elliot met gestrekte benen in het zitje van de kar proppen
  18. Voorbijgangers de ‘ik heb alles onder controle’-lach toewerpen
  19. Met kar vol gillende kinderen de supermarkt in
  20. Praatjes maken met bezorgde oma’s die tevergeefs poging doen tot het opvrolijken van één of beide kinderen
  21. Zo snel mogelijk richting de kassa, oppassen dat Elliot niks jat
  22. Buiten weer een drama oplossen omdat Elliot in de helicopter wil en er al duizend andere kinderen inzitten
  23. Het hele auto-circus opnieuw doen
  24. Beseffen dat je liever de marathon rent. Op blote voeten. Over legoblokjes.

En dus ben ik blij dat ik vandaag maar één kind mee hoef te nemen in plaats van twee. Elliot mag van mij een klein karretje pakken dus dat drama hebben we niet. Vol goede moed gaan we door de poortjes de supermarkt in. De groenteafdeling gaat goed. Hij zoekt zijn eigen fruit uit die hij enthousiast in het karretje kwakt. Dit keer geen death stare van mensen die zich irriteren, maar hier en daar een lach omdat ze hem schattig vinden.
Dat verandert direct wanneer we op de broodafdeling komen en Elliot een croissantje wil. Dat “monster” heb ik zelf gecreëerd omdat ik hem regelmatig een croissantje in zijn hand gaf tijdens onze boodschappenronde door de Jumbo. Afgekeken bij mijn buurvrouw die ik toen met een heel zoet kind in de kar voorbij zag lopen. Maar het is nu vijf uur en eigenlijk geen tijd meer voor een croissant, dus zeg ik: ‘Nu niet.’
Fout! Fout! Fout!
Elliot werpt zich op de grond en begint aan zijn peuterdrama act. Ik begin te lachen, want ik vind het oprecht heel grappig om te zien hoe theatraal hij op zo’n moment is. Een chique dame met stokbrood in haar handen vindt het wat minder. Ze trekt een wenkbrauw op terwijl ze op een Tel Sell commercial-waardige manier om Elliot heen stapt. De medewerkers van de broodafdeling staan te grinniken achter de balie en wachten mijn reactie af. Dan moet ik er toch maar wat aan gaan doen. Ik til Elliot op, maar hij laat zich zo slap als een vaatdoek weer op de grond zakken. ‘Kom op!’ zeg ik streng. ‘Nu lopen, ik heb hier geen zin in!’
Elliot moet er niks van hebben. Hij rolt over de grond. Weer til ik hem op en zet hem achter zijn karretje. ‘Lopen! NU!’
Elliot voelt dat het menens is, maar grijpt toch nog een bakje mini donuts die hij bovenop de andere boodschappen gooit. Ik laat het toe, als we nu in vredesnaam maar doorlopen. Laat mij maar die concessie-moeder zijn.
Buiten aangekomen is de helicopter zowaar vrij van andere kinderen. Elliot klimt er meteen in. Ik vind 50 cent in mijn portemonnee en zet het ding aan, die begint meteen hysterisch op en neer te bewegen. Elliot binnen een seconde in paniek. Gelukkig wil hij door de schrik wel meteen naar de auto.

‘s Avonds deel ik mijn supermarktervaring met Lennart. ‘Wat een drama! Morgen laat ik weer lekker bezorgen door Picnic,’ zeg ik terwijl ik een hap uit een concessiedonut neem. ‘Hoe laat is het eigenlijk?’
Lennart kijkt op zijn horloge. ‘Tien over tien.’

25x zwanger zijn


Foto van Patricia Chang NY instagram

Zwanger zijn, de meeste vrouwen doen het makkelijker over laten komen dan het daadwerkelijk is. En dan heb ik het nog niet eens over het ongemak van zo’n dikke buik meeslepen, maar vooral die emotionele rollercoaster waar we inzitten.
Daarom 25 x je weet dat je zwanger bent wanneer:

1. Je test een kruisje aangeeft.

2. Je echt een hele dikke buik begint te krijgen en je menstruatie uit blijft.

3. Oké, nu serieus…

4. Wanneer je de grootste bonje schopt over left over pasta die niet in de koelkast is gezet en daarbij roept dat er geen respect is voor je eigengemaakte pastasaus.

5. Je vier pannenkoeken met stroop op hebt, die je normaal gesproken niet lust, om vervolgens misselijk en vol spijt op de bank te moeten gaan liggen om bij te komen.

6. Je heel snel moet gaan zitten als je moet niezen of hoesten omdat je anders in je broek piest.

7. Je tijdens de hond uitlaten plotseling hard moet niezen en in je broek piest.

8. Je met een goed humeur opstaat, vervolgens bij het ontbijt melk morst en daardoor ontroostbaar bent, om vervolgens door alle fases van extreme woede te gaan omdat je überhaupt emoties hebt.

9. En vervolgens de hele dag zin hebt om oorlog te voeren.

10. ‘s Avonds op de bank zit af te tellen tot een tijdstip waarop het verantwoord is om naar bed te gaan.

11. Na een dag waarin je tussen dutjes door alleen maar aan slaap hebt kunnen denken.

12. Het boze oog aan je partner geeft als hij zegt dat hij moe is. Alsof hij daar iets van weet.

13. Je geen gesprek meer kunt voeren omdat je de taal vergeten bent.

14. Of 100x naar de keuken loopt zonder te weten wat je nou wilde pakken.

15. Het antwoord is altijd chocola.

16. Compleet flipt als er dan geen chocola meer is.

17. Ook al had je net alle cliché’s waargemaakt door een pot augurken leeg te eten.

18. Bij iedere aflevering van Vtwonen een potje gaat zitten janken bij de onthulling, ook al was het echt heel lelijk geworden.

19. Om daarna je af te vragen of je misschien zelf wel slechte smaak hebt.

20. Alles in huis moet anders.

21. Je denkt dat je misselijk wordt van de nieuwe kleur op de muren in de woonkamer.

22. Je een mental break down hebt omdat je nu ook niet meer weet wat je met de babykamer wilt.

23. En vervolgens nog één omdat het maar zo kort een echt baby’tje is.

24. ‘Voor je het weet zijn ze het huis uit’ begint te roepen

25. Je op Pinterest inspiratie op gaat doen voor je droomhuis dat je over een jaar of 21 kan hebben.

The Terrible Twos


Iedere dag krijg ik zo’n fijne herinnering van Facebook. Zo waren we vandaag vijf jaar geleden voor het eerst naar het park met puppy Pippa en at ik twee jaar geleden kip piri piri bij Juffrouw Tok.
Allemaal leuk en aardig, maar wat ik bizar vind is dat ik een jaar geleden rondom deze tijd een compleet ander kind in huis had dan nu. Ik had een klein jongetje dat zich af en toe een beetje aan de tafel of bank optrok en zich omrolde om ergens naartoe te komen, wat af en toe resulteerde in om de tafelpoot gevouwen baby in paniek. Dat en een vieze poepluier was dan ook zo’n beetje het enige “drama” wat we op zo’n dag konden hebben.
Tijdens het boodschappen doen was hij wel geïnteresseerd in de Olvarit-afdeling, maar riep nog niet zestig keer achter elkaar ‘bebbe!’ (wat Elliot’s voor ‘hebben’ is) bij het zien van een pakje knijpfruit.
Hij wilde überhaupt gewoon lekker in de kinderwagen zitten als we ergens naartoe gingen en bleef ook rustig zitten als we naar een restaurant gingen. Hij vond alles lekker of het nu een Marokkaans buffet was of Aziatisch bij Renao, alles ging naar binnen.
Nu vliegt de spaghetti bolognese me om de oren en haalt hij plotseling zijn neus op voor broccolisoep, terwijl ik 200% zeker weet dat hij dat lekker vindt. Stokbroodjes eten wilt hij wel, maar alleen met kruidenkaas erop, anders gaat het rechtstreeks door naar Pippa, die dan ook standaard Elliot’s grootste vriendin is rondom etenstijd. Kortom: de kleine baby is een ware peuter geworden en krijgt steeds meer een eigen mening en wil. Dat uit zich ook na het eten als plotseling alle kleren, inclusief luier, uitmoeten zodat hij een potje naaktvoetbal kan spelen.
Hilarisch dat wel, maar hoe leg je uit dat het niet helemaal de bedoeling is dat je hartje winter in je blootje gaat rondrennen. Ik bedoel, hoe hadden we dat bij Kirstie aangepakt toen ze na het douchen een sprintje trok en in haar blootje in de achtertuin belandde? Van ‘nee’ trekt meneer zich nog weinig aan hoewel hij perfect weet wat het betekend. Met andere woorden: de grenzen worden momenteel tot het uiterste verkend. Dat maakt deze zwangere moeder af en toe moedeloos.
Als ik weer eens 100x achter me ‘bebbe’ hoor zonder dat hij echt iets schijnt te willen hebben of wanneer ik voor tien uur al vaker ‘nee!’ en ‘mag niet!’ heb geroepen dan ik in 30 jaar tijd heb gedaan. Wat mij betreft is dit tot nu toe de lastigste fase. De opvoeding is nu écht begonnen.
Als kersverse moeder maak je je zorgen over de periode dat je met een klein hulpeloos baby’tje thuis komt, maar ik besef me nu pas dat het eerste jaar bijna een piece of cake is vergeleken met de terrible two’s (die officieel pas over twee maanden zouden moeten beginnen!). Een baby slaapt het grootste gedeelte van de dag, ligt lekker een beetje bij je op schoot en je zou bij wijze van nog een uur boodschappen kunnen gaan doen terwijl hij een beetje in de box op zijn eigen tenen ligt te sabbelen. Het wil nog nergens opklimmen of naar je kijken terwijl je plast.
Aan de andere kant: dat kleine jongetje van een jaar geleden houdt me nu plotseling wel heel stevig vast als we van de trap af lopen en komt me soms helemaal uit zichzelf knuffelen. Tegenwoordig laat hij doormiddel van heel hard zingen weten dat hij weer wakker is na zijn middagslaapje en begint zowaar te dansen als hij muziek hoort. Zijn stoeltje gebruikt hij nu om uit het raam te kijken of papa er al aan komt of bij het aanrecht te schuiven zodat hij me kan helpen met het eten door de aardappels in de pan te gooien of de tafel te dekken. Ook (naakt)verstoppertje spelen kan hij als de beste!
Zo zie je maar, hoewel dit een hele moeilijke fase is, is hij tegelijk ook weer heel leuk. We kunnen echt dingen samen doen. En net zo zeer als hij zichzelf steeds meer als mens(je) ontdekt, ontdek ik mezelf steeds meer als moeder.
Toch, als ik weer zo’n Facebook herinnering van een jaar of wat geleden zie, verlang ik terug naar dat kleine baby’tje die lekker op mijn borst wilde slapen. Gelukkig mag ik dat gevoel heel snel weer ervaren.
En tegen de tijd dat die kleine weer in de terrible two’s belandt, dan is daar grote broer Elliot om te helpen ♡

Dagboek van Pippa de mops

schermafbeelding-2016-10-18-om-19-58-39
7:45
Nou, daar gaan we weer. Iedere dag hetzelfde verhaal… ik wil me gewoon nog een keer omdraaien in mijn poef, maar nee, ik moet weer eens naar buiten met de baas. Dit zijn geen normale tijden.

8:00
Geen natte poten dus ik mag nog even boven op bed liggen bij het vrouwtje en het kleine mensje.
De baas gaat weg.

8:30
Het kleine mensje wordt wakker, heel irritant. Het vrouwtje haalt hem uit zijn bench en legt hem ook in bed neer. Zolang hij nog in zijn dwangbuis zit vind ik alles prima, dan kan hij niet dichtbij komen.

9:00
Vrouwtje en de kleine gaan naar beneden. Ik blijf lekker nog even liggen, doei.

9:45
Vrouwtje roept mij van onder aan de trap. Waar maakt ze zich druk om?
Laat me toch een keer met rust.

9:46
Ik hoor de zak met voer!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!

9:47
De kleine geeft mij tegenwoordig eten. Vrouwtje denkt waarschijnlijk dat ik hem daardoor leuk vind, maar het kan mij eigenlijk weinig schelen wie mij eten geeft… Het duurt allemaal wel erg lang als hij het doet.

9:48
De kleine heeft alles naast mijn bak gegooid. En bedankt!

9:49
Zo, alles op. Det truc is om alles zo snel mogelijk naar binnen te zuigen. Kauwen is nergens voor nodig.
Even uitbuiken op de poef.

10:30
Genoeg uitgebuikt. Ik hoor dat de kleine een koekje krijgt. Snel naar de keuken!

10:31
De kleine houdt het koekje precies voor mijn neus. Ik kon het bijna uit zijn hand eten.
Hij stopt het toch in zijn eigen mond.

10:34
HA! Weer heeft mijn taktiek gewerkt. Ik ga gewoon zo lang mogelijk bij het kleine mensje zitten tot hij me het laatste hapje van zijn koekje geeft.

10:35
Terug naar de poef!
Tijd voor een schoonheidsslaapje.

11:00
Ik mis Toto.

11:23
Botjes…

12:00
AUW!!!!
IS HET SOMS NORMAAL DAT IK HIER MET EEN SPEELGOEDHAMER UIT MIJN SLAAP GESLAGEN WORDT? Ik haat dat kleine mormel.

12:30
Halve boterham met pindakaas gekregen van de kleine. Wat een lieverd is het toch eigenlijk ook.

13:00
We gaan buiten wandelen. Ik mag los lopen.
Een soortgenoot heeft aan het begin van het park overgegeven. Het ruikt best lekker.

13:01
Even een likje.

13:02
Vrouwtje schreeuwt naar me. Wat de f*ck heb ik nou weer verkeerd gedaan? 

13:04
We kwamen nog een mops tegen. Ik heb even aan zijn kont geroken.

13:05
Best veel honden in dit park hebben een verleden met mishandeling. Laatst kwam ik een naakthond (buahahah!) tegen die uit een drugshol gered was. Dat is weer eens andere drugshond dan die op het vliegveld rondlopen.

13:06
Wat ben ik toch een lollige mops.

13:07
Maar bij die honden ruik ik liever niet aan de kont.

13:10
Wat kan gras toch lekker zijn. Als ik dood ga wil ik als een koe reïncarneren.

13:13
Het werkt wel op de darmen. Pak dat boterhamzakje er maar bij, vrouwtje.

13:15
Achter een paar ganzen aangerend. Wahahaha, wat een bange sukkels!

13:17
Ik zag een Duitse herder.
‘WAU!’ zei hij tegen me. Dat is ‘woef’ in het Duits.
Ik zei tegen hem dat hij gewoon Nederlands moest blaffen.
Hij was wel groot en sexy, dat wel.

13:20
Nog even in de bosjes gepiest. 

13:30
Terug op de poef.

14:23
Vrouwtje en de kleine zijn weg gegaan. Zomaar!!
Ze hebben mij achter gelaten….

14:24
Ohh…. wat moet ik nou. Straks zijn ze voor altijd weg.

14:25
Hoe moet het nou met eten?

14:26
Hoe lang zijn ze al weg??!?!

14:31
Ik moet misschien ook wat liever tegen die minikloon zijn.
Ik beloof dat ik van nu af aan lief zal zijn. Als ze maar terug komen! 

14:33
Misschien word ik eerder een koe dan ik had gedacht.

15:15
ZE ZIJN TERUG!!!!!!
Ik heb de kleine een likje aan zijn hand gegeven om te laten zien dat ik hem best een beetje aardig vind. 

15:35
Hahahahahahahahahahahahahahahaha!
Die kleine had het laatje ontdekt waar alle snoepjes in zitten en hij heeft ALLE botjes op de grond gegooid. I love you i love you i love you i love you!

15:37
Nou, dat was ook leuk zolang het duurde. Dank je wel, vrouwtje, dat je dit “bonding-moment” compleet hebt verpest. 

15:38
Wat moet ik nou met één botje?

16:00
Tegen de hond van Brandweerman Sam geblaft. Wegwezen, stomme teef, dit is mijn huis!

16:01
Vrouwtje is weer boos. Ik weet niet waarom. Ik help alleen maar met andere honden uit huis te houden. Ik bescherm ze notabene! Ze bekijken het maar, ik blijf op de poef tot baasje thuis komt.

18:00
HIJ IS ER HIJ IS ER HIJ IS ER HIJ IS ER HIJ IS ER HIJ IS ER!
NAAR DE DEUR!!!!

18:05
Ow yissss ik krijg meteen eten. Met zalmsaus!

19:00
Vrouwtje en de baas klagen dat ik uit mijn mond stink, maar ze doen zelf zalmsaus over mijn eten. Wat willen jullie nou? Ik ruik jullie de hele dag en met mijn reuk is dat geen pretje, kan ik jullie vertellen.

19:26
Wat een rust, het kleine mens is naar bed. Meestal mag ik nu op de bank liggen.

19:55
Het mag. Ik moet wel een paar kussens inleveren. Nu lig ik nog maar op één kussen.
Wat een rotleven.

19:58
Misschien krijg ik er een paar terug als ik de voeten van de baas lik.

20:00
Het lukt niet, maar het is wel lekker zoutig.

20:04
Pfoe, even drinken hoor. Heb er dorst van gekregen.

20:07
Ik moet weer eens naar buiten.

20:19
Het regende dus we zijn snel weer naar huis gegaan nadat ik had gepoept. Ik haat poepen in de regen!

20:23
Terug op de poef.

21:00
De bazen liggen allebei te slapen. Even kijken of ik me tussen hun in kan wurmen. Het is tenslotte toch mijn nest.

22:30
INBREKER INBREKER INBREKER INBREKER!

22:32
Hahahahahahahahahahaha. Wat een goeie.
Ze schrokken zich rot.

22:36
Oh, nu gaan ze naar bed. Mag ik eerst nog even plassen voor jullie naar boven gaan?

22:53
Het traphekje staat open, ik ga me naar boven wagen. 

23:15
Yes, ik mag boven blijven slapen. Lekker warm.

0:00
Terug op de poef. Vrouwtje vond dat ik te hard snurk, maar de waarheid is dat ze dat zelf gewoon is.
Whatevs. Welterusten!

Van Arnhems meisje naar Haags Hopje #1

Onze eerste dagen in Rijswijk zitten erop. Eerlijk gezegd voel ik me nog een beetje op vakantie. Zo pakte ik een mes uit de la en dacht: hé, deze heb ik thuis ook. Dat komt natuurlijk door het weer en dat we al twee keer aan het strand zijn geweest, maar ik heb nog steeds het gevoel dat we volgende week weer naar huis gaan.

13701154_1255307317821781_5140545529647587861_o
Pippa voelt zich al wel thuis.

Vandaag besloten we Den Haag te verkennen en nemen de tram naar het centrum. De halte is aan het einde van onze straat en brengt ons binnen tien minuten naar hartje centrum. Daar aangekomen laten we de Grote Marktstraat met alle bekende ketens voor wat het is en duiken we direct de Prinsestraat in, waar Lennart op twee winkels stuit die hij leuk vindt; Uptown gerund door een Arnhemmer (yes!) en Baretta die er pal naast zit. Verder komen we nog een aantal leuke concept stores en talloze gezellige restaurantjes tegen. We eindigen uiteindelijk bij Pistache Café aan het einde van de straat. Met heerlijke (avocado) panini’s, verse smoothies en grote stukken taart nu al één van mijn favoriete spots!

Screen Shot 2016-07-23 at 21.44.47
Deze bank bij een concept store (bij Haagse Bluf) met vintage designmeubels en kleding vonden Lennart en ik echt prachtig. Of hij ook lekker zit moet je maar niet vragen. 

Screen Shot 2016-07-23 at 21.45.05
Elliot wacht op papa bij Uptown. 

Screen Shot 2016-07-23 at 21.45.26 Screen Shot 2016-07-23 at 21.46.08 Screen Shot 2016-07-23 at 21.46.24
Hoe leuk is het interieur van Pistache Café?

Screen Shot 2016-07-23 at 21.45.44
Zo’n tramrit is toch wel heel spannend. Elliot daarentegen keek lekker zijn ogen uit. 

Wat mij opvalt is dat de Hagenezen (of Hagenaars?) heel open en vriendelijk zijn. Ze vertellen direct iets over de stad, maken je wegwijs en wat ik vooral erg leuk vindt is dat onze buren (oké, dat zijn Rijswijkers) ons zo enthousiast welkom komen heten. Wat dat betreft voel ik me al een beetje thuis, maar voor nu blijf ik gewoon even gezellig op vakantie zonder de deur uit te moeten.
Hoe luxe is dat?

Don’t panic … it’s organic!

Screen Shot 2016-07-17 at 12.26.59

Een paar weken geleden las ik op gezondblog.nl een stukje over de natuurlijke deodorant van We Love The Planet. Ik gebruik zelf al jaren de deodorant van Dove, maar sinds er hier en daar wel eens een artikel over het verband tussen borstkanker en deodorant opdook, liep ik al enige tijd rond met het idee om over te stappen naar een natuurlijke deodorant. Later las ik weer dat we dat niet met elkaar in verband mogen brengen, maar we moeten hoe dan ook zuinig zijn op ons lichaam. De post van gezondblog trok dus direct mijn aandacht.
Ik kan niet zeggen dat ik iemand ben die normaliter heel bewust met “natuurlijk” bezig is. Wat ik meestal gebruik is per ongeluk; Lush vind ik simpelweg lekker en dat het milieu- en diervriendelijk is, is een leuke bijkomstigheid. Ik lunch(te) bijna dagelijks biologisch, maar alleen omdat de Albert Heyn een stuk verder lopen was dan de groene winkel om de hoek en vrijdagavond standaard een maaltijd van het vegetarische restaurant omdat het zo smaakvol is. Niet bepaald bewust, maar onbewust best wel oké.

De deodorant van We Love The Planet kreeg ik maar niet uit mijn hoofd. De eerste keer dat ik echt bewust na ging denken over de producten die ik gebruik. Wat spuit ik eigenlijk een keer, zo niet twee keer, per dag op mijn oksels? Ik ga jullie verder niet vervelen met een ingrediëntenlijst van mijn oude vertrouwde Dove, maar laten we zeggen dat ik van 99% geen idee heb wat het is (kan aan mij liggen natuurlijk). Over de ingrediënten van de WLTP deodorant kunnen we kort en duidelijk zijn: bijenwas, caprylzuur, kokosolie, zuiveringszout, maiszetmeelpoeder en St. John’s wort oil.
Telkens nam ik me voor om de deo te bestellen, maar chaotisch als ik ben kwam dat er natuurlijk niet van. Het had dan ook zo moeten zijn dat ik een blikje won via een winactie op Facebook. Een blog vanuit mijn kant is daarom wel zo leuk als bedankje.

Oké, daar gaan we. Om te beginnen zit het in een leuk blikje dat niet misstaat tussen de andere producten op je plankje in de badkamer. Er zijn vijf geuren: Sweet Serenity (rozenolie, honing en zachte kruiden), Lovely Lavender (spreekt voor zich), Original Orange (Spaanse mandarijn), Forever Fresh (citrusoliën en kruiden) en Mighty Mint (mint en rozemarijn). Voor de laatste heb ik gekozen want ik ben gek op mint.

Screen Shot 2016-07-17 at 12.12.23

Het blikje bevat 48 gram (€11,50), dat klinkt misschien een beetje weinig, maar ik ben er al snel achtergekomen dat je er ook maar een klein beetje per keer van hoeft te gebruiken. Het werkt heel simpel: je brengt met je vinger een beetje op/onder je oksel aan en klaar is kees. Wat ik heerlijk vind is dat het helemaal niet plakt zoals veel roldeo’s wel doen. Je smeert, je wast je handen (ik dan) en trekt je kleren aan.

Screen Shot 2016-07-17 at 12.14.06

De grote vraag blijft natuurlijk of het ook zo goed werkt als een “normale” deodorant. Dat besluit ik te testen op een zeer cruciale dag, namelijk tijdens de finaleshow van de Elite Model Look tijdens Fashion Week in Amsterdam. Niet alleen is het met 29 graden een warme dag, maar tijdens zo’n show met alle spots is het ook behoorlijk zweten op je stoel. En geloof me, ik heb liever dat mensen vragen of ik een creatie van Bassie draag in plaats van de nieuwe geur Eau de Sjalot. Wat ik er wel even bij moet vertellen is dat ik nooit echt heftig transpireer, maar het ook niet heel handig is als ik een keertje vergeet deodorant te gebruiken. Ik smeer me daarom voor alle zekerheid nog een keertje extra in en vertrek (in een creatie van H&M) met mijn zus (ook in een creatie van H&M) naar Amsterdam. Ik weet niet zeker of ze in de vervroegde overgang is geraakt of dat er iets anders aan de hand is, maar ze heeft de airco op standje Siberisch, dus daar kan okseltechnisch weinig gebeuren. In de Westergasfabriek waar de show werd gehouden, gebeurde er echter precies wat ik dacht dat er zou gebeuren. Felle spots die ervoor zorgden dat bezoekers zichzelf zo elegant mogelijk probeerden toe te waaien met toegangskaartjes en flyers uit de goodiebag. Klein paniek momentje, maar ik voelde nog geen klotsende oksels. Af en toe probeerde ik zo onopvallend mogelijk te ruiken, maar alles was nog steeds lekker mintig. Na de show waagden we ons nog even op de dansvloer, maar ook daar geen last.

13645221_1246122988740214_8780748803763970721_n

Als ik thuis kom steek ik mijn armen in de lucht en ruik ik even goed (vond Lennart ook heel charmant) en ik kan jullie mededelen dat deze deodorant van We Love The Planet qua werking even goed is als mijn Dove. Beter is hij echter zonder twijfel, niet alleen voor de planeet, maar vooral voor jou.
Dank je wel Gezondblog en We Love The Planet voor deze eerste stap in de goede richting!

Marokko blog #3: Shit situatie.

Screen Shot 2016-07-03 at 23.07.04

Op dag drie zitten Lennart en ik een beetje verslagen aan het ontbijt. ‘Ik ga niet terug naar de medina,’ stel ik. ‘Wat een benauwde, warme, onaangename bedoeling.’ Lennart is het met me eens. ‘Wat kunnen we dan doen?’
Het antwoord vind ik (zoals gewoonlijk) op Pinterest. Uit het lijstje met “21 unieke dingen om te in Fez te doen” kiezen we een trip naar de mellah ofwel de oude Joodse buurt.
Als we buiten een Petit Taxi aanhouden vragen we de chauffeur om ons naar de mellah te brengen. Hij begrijpt er in eerste instantie niks van. ‘The Jewish quarter?’ probeert Lennart. ‘Jewish?!’ roept de chauffeur. Help.
‘Mellah,’ herhaalt Lennart, nu met Arabische tongval. We hebben een match! We mogen achterin kruipen. Een paar minuten later worden we voor de het machtige koninklijk paleis afgezet. Mijn allereerste echte wauw-moment in deze vakantie. Arabische architectuur – ah! Metershoge gouden deuren met geometrische patronen schitteren trots in de zon. Er zijn buiten de bewakers (bijna) geen mensen op het plein aanwezig dus wij nemen het ervan met een heuse privé photoshoot en strepen daarmee meteen een van de 21 dingen op de to do lijst af.

IMG_4063 IMG_4065 IMG_4066 IMG_4067 IMG_4069 IMG_4070 IMG_4081

Vanuit daar lopen we door naar de poort van de mellah. Als we het district in willen lopen komt er een oude man op ons af. Hij wijst in de tegengestelde richting van waar wij heen gaan en zegt: ‘De synagoge is die kant op.’ Even vraag ik me af of ik er zo Joods uit zie, maar dan gaat hij verder: ‘Het is een museum en het is gratis.’
Leuk, denken wij, maar we gaan toch de andere kant op. ‘Nee!’ schreeuwt de man. ‘Als je slim bent ga je eerst naar de synagoge, die is nog maar een uurtje open.’
‘Synagoge dan maar?’ vraagt Lennart. Ik vind het prima. Wat doe je anders in Marokko?
‘Kom,’ zegt de man terwijl hij begint te lopen. ‘Ik wijs jullie de weg.’
Bezorgd loop ik achter Lennart en de man aan. ‘Lenn? We krijgen weer een tourtje hoor!’

Eerlijk is eerlijk, de man geeft ons een geweldige tour. Langs het huis van de rabbijn en de Joodse begraafplaats hobbelen we met kinderwagen door de smalle straatjes van de voormalig Joodse ghetto. Hij verteld ons dat de ramen in de huizen hier groter zijn dan in de huizen van Moslims omdat die uiteraard niet willen dat je hun vrouwen kan zien zonder hoofddoek. Voor de Joden was dat kennelijk niet zo’n issue.
Er wonen overigens nog maar 80 Joden in Fez (1 miljoen inwoners) en zijn voornamelijk woonachtig in het nieuwe gedeelte van de stad.
We eindigen uiteindelijk in de kleine, oude synagoge waar ik me toch wel even verbonden voel met mijn roots.

IMG_4093 IMG_4095 IMG_4096 IMG_4097 IMG_4092 IMG_4098 IMG_4099 IMG_4100 IMG_4105 IMG_4117

Als de dag op zijn heetst is gaan we terug naar het hotel om af te koelen in het zwembad. Dat is jammer genoeg alleen voor ons zo, want Elliot mag het water niet in omdat hij twee dagen voor de vakantie geopereerd is aan zijn liesbreuk. Omdat het terras rondom het zwembad ongelofelijk heet wordt konden we hem ook niet lekker rond laten kruipen dus moesten we elkaar een beetje afwisselen. Omdat Lennart aan het zwemmen is en Elliot’s gedrag onhoudbaar begint te worden, besluit ik samen met Elliot even terug naar de hotelkamer te gaan in de hoop dat hij even wilt slapen. Net als ik samen met hem op bed lig, word ik overvallen door een -laten we zeggen- onaangenaam gevoel in mijn onderbuik. Al snel besef ik dat Elliot’s gedrag niet het enige is wat onhoudbaar is. Ik spring op, neem het kind onder mijn arm en vlieg de gangen van het hotel door naar het zwembad toe, waar ik Lennart lekker in het water van het uitzicht zie genieten. ‘Lennart!’ roep ik. Niks. ‘Lennart!’ Niks. ‘LENNART!!!’
Ah, daar komt meneer op zijn gemak aan gezwommen terwijl ik een soort van krampachtige dans doe. ‘Schiet op!’
‘Wat is er aan de hand?’ vraagt Lennart bezorgd terwijl hij op de kant klimt. ‘Hier,’ piep ik terwijl Elliot aangeef. ‘Neem het kind.’ Ik draai me meteen om en begin te lopen. ‘Wat is er?’ roept Lennart achter me aan. Ik draai mijn hoofd om terwijl ik blijf lopen en sis: ‘JE MOET ME NU PRIVACY GEVEN, LENNART! NIET. NAAR. DE. KAMER. KOMEN!’
De rest van de dag houden we het rustig. Terwijl ik in bed lig bedenk ik een theorie waarin mijn buik tot rust komt met herkenbaar eten. The Big Tajine it is!

De volgende dag lijkt met theorie gewerkt te hebben en durf ik het aan om een tripje te gaan maken, We beseffen ons dat we de medina misschien niet echt een goede kans hebben gegeven en laten ons wederom afzetten bij de blauwe poort en inderdaad, de sfeer lijkt overdag toch een stuk gemoedelijker. Toch voel ik me constant opgelaten omdat ik 1) het gevoel heb dat iedereen me aan kijkt (als enige vrouw zonder hoofddoek en ik lijk toch Marokkaanse) en 2) bijna niet de gelegenheid krijg om rustig in winkeltjes te kijken omdat je meteen op een agressieve manier benadert wordt. Net alsof je bij de KeukenConcurrent komt; het begint allemaal leuk en aardig, maar als je niet koopt kijken ze je niet meer aan. Zo dacht ik dat ik heel graag een djelleba wilde hebben, maar toen ik hem eenmaal aan had besefte ik me dat ik hem thuis
nooit zou dragen. ‘Ik wil er even over nadenken,’ zei ik daarom tegen de verkoper. Die begon zowat te koken. ‘Over djellaba denk je niet na.’ Sorry, ik wist niet dat je boos werd.
Ik weet niet of de opdringerige verkopers zijn of de hitte, maar ik heb er plotseling helemaal genoeg van en wil terug naar het hotel. Kan ook zijn omdat mijn buik opnieuw begint te rommelen.
Als we terug zijn is beginnen ook de (normaliter stalen) darmen van Lennart te protesteren.

We laten mijn theorie over herkenbaar eten voor wat het is en spenderen de avond met zijn drieën in bed terwijl we foute Marokkaanse soaps nasynschroniseren, roomservice bestellen, fantaseren over een strandvakantie in Italië (gelato!) en stiekem kijken of we een vlucht eerder kunnen nemen. Dat laatste is het niet het geval. ‘Wat een shit-situatie,’ zeg ik tegen Lennart terwijl we samen in lachen uitbarsten.

Marokko blog #2: van ftour naar hasjtour

Schermafbeelding 2016-06-23 om 15.34.48

Een heel ontbijtbuffet voor ons alleen. Dat treffen we op onze eerste ochtend in het hotel aan. Tijdens het boeken van deze vakantie was ik even vergeten dat het Ramadan was, maar dat het daardoor zó rustig zou zijn, dat had ik niet verwacht. Je zou je bijna schuldig gaan voelen om te eten terwijl het vastende personeel toekijkt.
Maar toen dacht ik aan de wijze woorden van mijn Turkse klasgenoot Mustafa, die in de vastenmaand buiten op het schoolplein een sigaretje stond te roken (‘Ramadan – jammer dan.’) en verdween mijn schuldgevoel als een perenijsje in de Sahara.
Ik had gelezen dat Marokkanen het liefst ontbijten met wat olijven, dadels en walnoten dus besloot ik dat ook te doen. Echter kon ik de kaas niet weerstaan en postte ik mijn Hollandse kaasplank met Marokkaanse mintthee (aldus mijn vriendin Lieke in de comments) op Instagram.

Schermafbeelding 2016-06-23 om 15.08.43

Schermafbeelding 2016-06-23 om 15.38.26
Na het ontbijt komt Lennart met het spannende idee om naar de Carrefour om de hoek te lopen. We mogen dan in een chique hotel zitten, maar zes euro voor een reep Rittersport in de minibar blijft in onze opinie toch een beetje idioot. Dus zetten we Elliot in zijn speciaal voor deze reis aangeschafte travel buggy en duwen hem de hitte in. Honderd keer vraag ik me hardop af of het nou wel een goed idee was om Elliot mee te nemen in deze temperaturen, terwijl ik een paar dagen daarvoor nog een grote mond op facebook had. Elliot, daarentegen, maakte zich nergens druk om en vond alles interessant.
Tot onze mijn grote verrassing is de Carrefour onderdeel van een groot winkelcentrum. Mijn shophart maakt meteen een sprongetje en ik stel voor om eerst een rondje winkels te doen. Binnen treffen we een Nike-winkel aan (zelfde prijzen als in Nederland), een Parfois (ook leuk, maar niet voor nu), een Hunkemöller (gaap) en een paar ketens die ik niet ken, maar uitsluitend kleding van polyester verkopen (en dat met 38 graden).
Geen paniek, want die avond gaan we toch naar de oude medina.

Om kwart voor zeven loop ik naar de receptie om een taxi voor half acht te bestellen. Dat is niet mogelijk want om half acht is het zonsondergang en dan is het tijd voor de ftour (maaltijd) in het Marokkaanse restaurant. Of we ook willen aanschuiven. Hm… niet vasten, maar wel aanschuiven bij de ftour… Helemaal niks om je verder schuldig over te voelen… En dus knik ik ja. ‘Lekker.’
We beginnen met een soort van tappas van Marokkaanse zoetigheden, rozijnen (Elliot blij) en de onmisbare dadels. Daarna krijgen we Marokkaanse soep (Elliot weer blij), heerlijke zalm en een soort van pasteitje wat zoet, maar ook hartig is. Alsof dat nog niet genoeg was mogen we nog langs het buffet vol met Arabische gerechten uit verschillende streken en natuurlijk eten uit de tajine (niet de Big Tajine). Ondanks onze foodcoma laten we toch nog een chauffeur komen om ons naar de Bab Boujloud (blauwe poort) te brengen.

In de minivan van Hotel Sahrai dringen we de binnenstad van Fez binnen. Om ons heen scheuren de rode petit taxi’s die alles doen, behalve zich aan de verkeersregels houden. Ik vraag me af of er überhaupt verkeersregels zijn hier. Dan duikt die grote blauwe poort op. Het is er druk. We zien mannen en vrouwen in djellaba. Alleen maar djellaba’s, waar je ook kijkt. Geen enkele toerist. Het laatste avondgebed is bezig en de moskee die naast de poort staat blijkt te klein voor iedereen dus bidden de mannen op straat. De minivan scheurt achter ons weg als we verslagen om ons heen staan te kijken. ‘Waar de fuck zijn we naartoe gegaan?’ vraagt Lennart zich hardop af.

We gaan onder de poort door en komen in het doolhof van 9000 smalle straatjes. Er springt meteen een zweterige man voor ons. Of we willen eten in zijn restaurant. Ik lach en schud mijn hoofd. Dank u vriendelijk, maar ik krijg al diarree door naar u te kijken.
Zonder concreet plan beginnen we te lopen. Ondanks dat de meeste winkeltjes gesloten zijn is het druk in de medina. Overal rennen kinderen, mensen zijn op weg van de moskee naar huis of hangen gewoon een beetje op straat rond. Zo stuiten we op een gegeven moment op een groepje jongens. ‘Stop!’ roept één van hen naar ons. ‘Jullie lopen naar de uitgang. Die kant op is er niks meer en alles is gesloten. Jullie kunnen beter die kant op gaan.’
We keren de buggy om. ‘Ah, dank je wel. Dan lopen we terug.’
‘Mijn broer laat wel even zien waar jullie naartoe moeten,’ zegt de jongen weer.
Eén van de jongens staat op en wenkt ons. ‘Kom.’
En dat was onze eerste fout als toerist. Want niet alleen liet broer ons zien welke kant we op moesten, maar we kregen direct een tour door de medina. Langs de oudste universiteit van de wereld die nu als Moskee dient (waar we niet naar binnen mochten), naar het plein waar alle koperbewerkers zaten (maar nu even niet) en het artisan-gedeelte waar vooral Henna werd verkocht (achter de gesloten luiken). Ik fluister naar Lennart dat ik het allemaal maar niks vind. Lennart voelt me veilloos aan en zegt tegen onze spontane gids dat het tijd is voor Elliot om te slapen. Hij begrijpt ons en belooft ons terug te brengen naar de poort. Als we daar aan komen haalt hij nog een boterhammenzakje uit de zak van zijn djellaba met daarin iets bruins. ‘Weten jullie wat dit is? Hasj. Het is legaal in Marokko. Willen jullie wat roken?’
‘Nou, bedankt,’ zegt Lennart, ‘maar we komen uit Nederland. Daar is genoeg hasj te roken.’
De gids is teleurgesteld, maar krijgt dan een ingeving. ‘Als jullie willen zien hoe het gemaakt wordt… Mijn familie maakt het in de bergen.’
Lennart bedankt nog een keer vriendelijk voor de tour en propt hem wat geld in zijn hand. We maken ons uit de voeten als de gids ons nog na roept. ‘Misschien willen jullie morgen nog een tourtje?’
We zwaaien. ‘Ja, misschien! Doei!’ En we springen in de eerste taxi die we tegenkomen.
Voorlopig even geen tourtjes meer voor ons. Of nou ja, niet zolang er geen f voor staat.

ftour dessert

ftour dessert

voor de bab boujloud

voor de bab boujloud

binnen in de medina

binnen in de medina

IMG_4057

Marokko blog #1: De Reis

IMG_3982
Het is zaterdagochtend als ik snel in de badkamer nog wat Rescue Spray op mijn tong spuit. Ik ben er sinds de dag ervoor mee begonnen, maar voel nog steeds de zenuwen door mijn lichaam gieren. Niet alleen ben ik als de dood om in een vliegtuig te stappen, maar ook om dat vliegtuig naar een land zo’n 3000 kilometer van ons veilige huis te nemen mét een 1-jarige die net geopereerd is.
Ik denk aan die moeder die ik op Facebook voorbij heb zien komen die met haar peuter achter op haar rug de hele wereld over reist. Kom op, Cloeder, als zij het kan dan kan jij dit ook.

Elliot houdt zich heel goed totdat we in een lange rij voor de douane staan. Als we nu thuis waren geweest was het tijd voor zijn middagdutje, maar hier staan we tussen een paar verdwaalde toeristen en een heleboel Marokkanen. We proberen van alles om Elliot een beetje rustig te houden; koekjes, speelgoed, op de schouders zitten, maar niks werkt. Ik heb het gevoel dat iedereen naar ons kijkt dus stap ik met Elliot uit de rij om een beetje met hem heen en weer te lopen. Een man die verdacht veel op de Marokkaanse versie van mijn oom Glenn lijkt rijkt een fles water naar mij uit. In het Duits zegt hij dat hij wellicht wel wat wilt drinken. Omdat ik een beetje wanhopig ben neem ik de fles aan schenk wat water in het flesje van Elliot die direct begint te drinken. Stilte.
De rij lijkt opgelucht. ‘Wat een goed idee!’ zeg ik tegen de man terwijl ik de fles met water terug geef. ‘Natuurlijk,’ antwoord hij terwijl hij zich omdraait naar de rij achter zich. ‘Ik heb dan ook twintig kinderen!’ Iedereen barst in lachen uit en de situatie is gered.
Niet veel later stijgen we op terwijl Elliot lekker in mijn armen ligt te slapen. De rest van de vlucht verloopt zonder al te veel problemen en Rescue Spray.

Drieeneenhalf uur later staan we in een volgende rij, namelijk die voor de paspoortcontrole van Fez. Als we daar eenmaal doorheen zijn staat er een chauffeur te wachten die ons naar het hotel brengt. Een gezellige man die ons de oren van de kop kletst tijdens het ritje in zijn minibus compleet met Perzisch minitapijt. We banen ons een weg door de kruip door sluip door straatjes van de stad met 1 miljoen inwoners. We zien van alles: luxe villa’s, geraamtes van apartementencomplexen die nooit afgemaakt zijn en oude huizen die er al honderden jaren zijn.
En dan het enige Westerse herkenningspunt: de grote, gele M. De chauffeur wijst ernaar. ‘Do you know?’ Natuurlijk kennen wij dat, hallo! Ik kom er zo’n beetje iedere week. ‘It’s the Big Tajine!’ roept hij uit en schatert van het lachen. ‘I like Big Tajine! But is very expensive. But I like. But I don’t tell my wife.’ En weer schatert hij van het lachen.
De toon voor de vakantie is gezet. Marokkanen zijn grappig.

Via een onverhard zandweggetje waar een stel geiten aan staan komen we aan bij het prachtige Hotel Sahrai. Wij kwamen er later achter, na veel vragende blikken van taxichauffeurs, dat je het niet uitspreekt als “sahraai”, maar “sahara-i” (zoals de woestijn). Dat verklaard ook meteen waarom voor het hele gebouw zandsteen is gebruikt. Een oase van rust in het drukke gedruis van de stad.
Als we binnenkomen voelen we ons meteen out of place omdat het zo ongelofelijk chique is. We worden onthaald alsof we royalty zijn met uiteraard een kopje Marokkaanse muntthee. De piccolo (met tulband!) loopt voor ons uit met de koffers naar onze kamer waar we uitzicht hebben op de infinity pool die weer uitzicht biedt op de oude medina van Fez. Als Lennart hem een fooitje (van tien euro, want nog geen kleingeld) heeft gegeven, valt de deur achter ons dicht en kijken we elkaar aan. ‘Het is maar goed dat ik mijn loafers mee heb genomen,’ zegt Lennart.

Het is inmiddels al laat en de buiken beginnen te rommelen (hier nog op een goede manier). Het hotel heeft een Marokkaans restaurant en een Frans restaurant. Omdat we toe zijn aan een simpele maaltijd besluiten wij aan te schuiven op de Pastoe geïnspeerde stoelen op het terras van het Franse Relais de Paris. Gelukkig hebben ze ook nog een kinderstoel die perfect in het decor past.
We bestellen allebei heel veilig kip en krijgen niet veel later een met koriander en andere Marokkaanse kruiden doordrenkte kipfilet voor ons neus geschoven. Huh – was dit niet het Franse restaurant?
Ondanks dat smaakte het best en we waren eigenlijk te moe om er nog wat van te vinden. Elliot kreeg de meest fancy aardappelpure met groente, maar ook hij was te moe om nog veel te eten. Niet veel later klimmen we in ons gigantische bed, dat toch iets minder zacht was dan het van een afstandje leek. We nemen ons voor om de volgende dag Fez in te gaan en vallen dan als twee bejaarden met een baby in slaap.
Het eerste gedeelte zit erop, nu begint het echte avontuur!

IMG_3968 IMG_3986 IMG_3979 IMG_3978 IMG_3977 IMG_3966 IMG_3965 IMG_3974 IMG_3967