De crush op het consultatiebureau

Vroeger had ik een ongelofelijke crush op een jongen die iedere dag op het basketbalveldje tegenover mijn oude basisschool een potje basketbal met zijn vrienden speelde. Ik zat in groep 8, was obsessed met de Backstreet Boys en deze jongen leek precies op 1996 Nick Carter. Achteraf vraag ik me af of dat wel echt zo was, maar toen vond ik dat.
Aangezien ik iedere dag dat basketbalveldje over moest om naar huis te lopen, werd drie uur plotseling het meest spannende moment van de dag. Het waren oudere jongens van 14 – 15 jaar dus deed ik mijn uiterste best om zo normaal mogelijk langs ze op te lopen en volwassen over te komen.

Een jaar of twee later bleek dat mijn overbuurmeisje en bestie Chiara op de een of andere manier met de basketballers in contact was gekomen en bevriend geraakt. Samen gingen we ‘s avonds naar het veldje om met ze te hangen. Plotseling ging ik (een soort van) om met Nick Carter. Omgaan als in; ik stond erbij, zei bijna niets, staarde als een psycho en heel hard lachte om de grappen van Nick Carter. Hij was oprecht grappig. We keken met zijn allen horrorfilms bij hem thuis, waar ik helemaal niet tegen kon dus zat ik daar maar anderhalf uur lang ieder detail van de kamer op te nemen zodat ik niet naar Hellraiser hoefde te kijken. Uiteindelijk besloot Chiara, uiteraard op de hoogte van mijn verliefdheid, in vertrouwen een keer aan Nick Carter te vragen wat hij eigenlijk van mij vond. Het antwoord was: ‘Ze is wel een leuk kind.’ Een kind. Leuk. Wel een leuk kind – wauw.
Ik was natuurlijk ook nog maar een kind. Terwijl mijn vriendinnen al 17 geschat werden leek ik precies op wat ik was: een 14-jarige spillebeen die nog niet met make-up kon omgaan, te grote tuinbroeken en kleine vlechtjes in mijn haar droeg (want TLC) en zo plat was als een dubbeltje. Hoe had ik ooit kunnen denken dat Nick Carter verliefd kon worden op mij. Ik ging uiteindelijk niet meer mee om met de jongens te hangen en heb hem sindsdien ook nooit meer gezien.

Tot ik vandaag het consultatiebureau binnen liep. Dat lange lichaam herkende ik direct. Bovenop zijn schouders een meisje, aan zijn hand een klein jongetje, in zijn andere hand een mobiel. De Backstreet Boy-coupe heeft plaats gemaakt voor de ik-heb-moeite-met-ouder-worden-gel-kuif. Hij draagt een t-shirt met opdruk en een half lange sportbroek met slippers eronder. Nick Carter is wel wat aangekomen, zie ik direct, hij heeft een beetje een dikke kop gekregen… past totaal niet bij het gekke hoge stemmetje dat ik hoor. Nee, niks charmants aan dit hele voorkomen. Toch ben ik benieuwd of dat hij me herkent en werp een half lachje toe. Ik zie hem kort denken, maar hij heeft geen idee. Ik loop verder en moet lachen als ik denk aan hoe verliefd ik ooit op die jongen was. Ach, hij zal vast nog wel goeie grappen maken, maar ik ben toch blij dat die crush niet wederzijds was.