Het Doutzen Kroes-plaatje

doutzen-kroes-sunnery-james-by-paul-bellaart-for-vogue-netherlands-march-2015-6

Mooi plaatje, niet? Doutzen die borstvoeding geeft terwijl ze haar man liefdevol een kus geeft. Bij ons gebeurt dat nooit. Ja, Lennart geeft mij een kus om twaalf uur ‘s nachts omdat hij gaat slapen, waarna ik hem het boze oog geef omdat ik nog minstens drie kwartier borstvoeding moet geven. Soms duurt het een uur. Om vier uur doe ik dat weer en om acht uur in de ochtend zit ik erbij als een zombie met een kind aan mijn tiet. Niet bepaald een Doutzen Kroes-plaatje.
Toen ik over mijn zwangerschap en het opvoeden van Elliot ging schrijven heb ik besloten om eerlijk te zijn, dus bij deze mijn eerlijke mening over het geven van borstvoeding: ik vind het verschrikkelijk!
Een hele boel dingen worden geromantiseerd, zo ook dit onderdeel, want de waarheid is dat het gewoon heel erg zwaar is. Natuurlijk zijn er ook momenten dat ik vind dat hij lekker bij me ligt te drinken en ik blij ben als hij dan voldaan in slaap valt. Dan heb ik precies twee uurtjes om iets te doen voordat ik aan de volgende voeding begin. Je kan je voorstellen dat dit een behoorlijke aanslag op je vrijheid is. Even ergens naartoe gaan gaat niet zomaar meer tenzij je er geen problemen mee hebt om in het openbaar borstvoeding te geven. Iets wat ik tijdens mijn zwangerschap geroepen heb wel te gaan doen. Toch vind ik het geen prettig idee om in een eetgelegenheid (of ergens anders) te voeden – zelfs niet met sjaal. Wanneer wij de deur even uit willen kolf ik zo snel mogelijk wat melk af, maar ook dat vergt wat tijd aangezien Elliot steeds meer nodig heeft. Veel uitstapjes zitten er momenteel niet in en dus ben ik tegenwoordig al heel erg blij als ik even rustig kan snuffelen bij de DA Drogist om de hoek.
Ik word inmiddels suïcidaal van thuis zitten. Mama blijkt toch niet zoveel hobby’s te hebben als dat ze dacht. Dan ga je toch wat doen? hoor ik je denken. Ja, dat klopt! Zo heb ik van de week bedacht dat ik wilde schilderen, maar besefte me ook dat ik zo iemand ben die, wanneer ik erachter kom dat ik toch niet de volgende Claude Monet ben, de schilderspullen het komende half jaar op de eettafel laat liggen voordat ik het opruim, om er vervolgens nooit meer naar om te kijken. (maar er wel eerst een klein fortuin aan uitgegeven heb)
Fotograferen of filmen dan misschien. Wat dan? Hoe de bouwvakkers er een jaar over doen om hier een brug te bouwen? De prachtige bouwput die Schuytgraaf heet?
Dit hele gebeuren resulteerde in pure wanhoop waardoor ik uiteindelijk depressief, uitgeput en in tranen met Elliot aan de borst op het bed zat. Wederom niet bepaald een Doutzen Kroes-plaatje. Tijd om het op te geven, dacht ik.
Toen kwam de eerste controle bij het consultatiebureau. Elliot was zo goed gegroeid en aangekomen dat ik hem die goede voeding eigenlijk niet wilde afnemen, maar: ‘Ik word er wanhopig van!’ zei ik tegen de oude (Indische!) dokter. ‘Ik heb geen leven meer over!’
Zijn advies was om de hele voeding terug te draaien naar een half uur. ‘Negentig procent van de voeding zit in het eerste half uur – alles daarna is zuigbehoefte. Probeer maar een speentje te geven of laat hem maar even huilen als hij het er niet mee eens is, daar went hij met een paar dagen aan.’ Ik slaakte een zucht van opluchting. ‘Jij hebt daar nu misschien wel tijd voor,’ ging hij verder, ‘maar stel je eens voor dat je nog twee kinderen had. Wie heeft er dan tijd om een uur te voeden?’
Uiteraard volgde ik dit advies direct op en het mooie is dat Elliot het van me pikt! Ook ben ik gaan voeden zonder tepelhoedje waardoor Elliot nu nog sneller drinkt. Dat tepelhoedje ben ik in het ziekenhuis gaan gebruiken doordat ik erge stuwing had (Chloë met een vette E-cup, probeer je het voor te stellen), maar ben ermee door gegaan omdat het 1) minder pijnlijk is en 2) kloven tegen gaat. Maar mijn vrijheid is me ook wat waard dus probeer ik het nu zonder en ben ik hierdoor soms al met twintig minuten klaar!
Gisteren heb ik ook voor het eerst in het “openbaar” borstvoeding gegeven. Het telt niet helemaal omdat het op het strand was, maar het gaf wel een heel bevrijdend gevoel om wat langer van huis weg te zijn. Misschien moet ik hier toch wat vaker maling hebben. Conclusie: borstvoeding geven is zwaar, maar je kan nog altijd zelf bepalen hoe ver je het laat komen en uiteindelijk is het heel belonend om te zien dat het echt het beste voor je kindje is. Ik ga nog even door met melkfabriek spelen – het mag dan geen Doutzen Kroes-plaatje zijn, maar wel een onvervalst, écht Chloë Hubner-plaatje.

2015-05-25-13-37-38_deco

In goede handen

Haar naam is Marina. Ze draagt een wit uniform met roze sneakers en haar blonde haar in een keurige knot. Ze is onze kraamverzorgster voor de komende week. Door de keizersnede had ik recht op extra uren en nu dat ik thuis was besefte ik me hoe prettig ik dat nog vond. In het ziekenhuis kijken ze mee met iedere stap die je zet, wat aan de ene kant fijn is, maar aan de andere kant word je er ook een beetje makkelijk van – iemand doet het toch wel voor je.  Daarbij kwam dat ik de eerste twee dagen er als een zombie bij heb gelopen door de morfine en ik op alle uitleg ‘ah ja…’ zei, maar eigenlijk de helft alweer vergeten was of überhaupt niet had gehoord.
Ik was dus blij dat Marina die zondag direct op de stoep stond om ons op weg te helpen. Twee uurtjes bleef ze en zou de volgende dag terug komen van half negen tot half vijf. Het idee dat er de hele dag iemand in mijn huis zou rondlopen die dan ook nog eens mijn was ging doen terwijl ik op bed lag, vond ik wel heel erg raar. Ook maakte ik me behoorlijk zorgen over de uitzetlijst in het kraamboek dat Brenda aan mij had gegeven tijdens het intakegesprek. De spullen op die lijst had ik in mijn eerste verlofweek willen kopen, maar aangezien dit mijn eerste verlofweek was had dat er niet meer ingezeten. ‘We zijn niet erg voorbereid,’ gaf ik aan Marina toe. ‘We hebben bijna niks van de uitzetlijst in huis.’
Marina ging het boek door en streepte een hele boel op de lijst weg. ‘Dit heb je niet nodig, dit niet… en dit ook niet.’ Ze lachte. ‘We zijn heel creatief hoor! En volgens mij ben je aardig compleet.’
De volgende dag toen Lennart en ik nog gezellig met onze pasgeboren zoon en zoete mopshond in bed lagen te genieten kwam Marina met de stofzuiger door de slaapkamer heen. ‘Oh – wat erg!’ riep ik uit.
‘Wat?’ vroeg Marina.
‘Dat jij aan het stofzuigen bent terwijl wij hier liggen!’
‘Meid, geniet ervan zo lang het kan! Volgende week moet je het zelf weer doen.’
Het grappige is dat ik me door haar oprecht kon ontspannen en het eigenlijk helemaal niet vervelend vond dat ze aanwezig was. Ze was zo’n prettig persoon om erbij te hebben, wist veel, gaf heel veel informatie en was ook iemand waar je gezellig even mee kon kletsen. Pas 24 jaar, maar met ervaring alsof ze al tientallen jaren in het vak zat. Ze bracht me iedere ochtend ontbijt op bed, stond erop dat ik fruit at, ‘s middags even ging liggen en bleef bij Elliot als ik van een lange douche genoot. Niks geen gedoe over borstvoeding (maar wel goede uitleg!), trapleuningen of ander betuttelend gedrag. Ik kreeg een beetje spijt over het stukje dat ik eerder over de kraamzorg had geschreven. Ik besefte mij hoe belangrijk het is om een prettige kraamverzorgster te hebben om met plezier terug te kijken op deze periode en hoe luxe het is dat wij deze hulp aangeboden krijgen, juist na zo’n zware operatie!
Mijn moeder is ook altijd zo razend enthousiast over haar eerste kraamverzorgster. ‘Wij hadden Toos,’ zegt ze dan altijd alsof iedereen weet wie Toos is.
Na een week nemen we afscheid van Marina en als ze Elliot over zijn hoofdje aait en hem groet voel ik hoe erg ik me al aan haar heb gehecht. We vertellen haar hoe fijn het was en hoe blij we met haar waren. En dat vertellen we niet alleen aan haar, maar zullen we ook aan anderen vertellen.
‘Wij hadden Marina,’ zeg ik dan. Trots.

2015-05-18-21-38-19_decoElliot in goede handen 🙂

De dag dat ik plotseling een baby kreeg.

Het is alweer drie weken geleden dat oma die dinsdagavond tijdens het eten kwaad op me werd. Ik was vroeg thuis gekomen van mijn laatste werkdag omdat ik voorweeën had. Heel normaal, dachten Google en ik, niks om me zorgen over te maken.
Maar nu kreeg ik geen hap spinazie meer door mijn keel en als oma boos wordt en roept dat je de verloskundige moet gaan bellen, dan doe je dat. Al is het maar om haar (ok, en jezelf) gerust te stellen.
De verloskundige wilde mij toch wel even op de praktijk zien. Lennart en Kelly gaan met me mee. Ik grap nog tegen Annelou (tante) en oma: ‘Als ik vanavond moet bevallen, wil iemand dan een lap door mijn badkamer trekken? Die moet echt gedaan worden.’

Een uur later lig ik in het Rijnstate met twee centimeter ontsluiting. Een maand te vroeg… niks aan te doen. Gewoon puffen. Je krijgt een baby. Nu. Nou ja, over een paar uur.
De baby lag in stuitligging dus alles werd nauwkeurig in de gaten gehouden: zijn hartslag, de sterkte van mijn weeën en weet ik veel wat nog meer. Met de gynaecoloog spraken we af dat we voor een natuurlijke bevalling gingen omdat de baby nog klein was, maar mocht er om wat voor reden dan ook iets niet volgens plan gaan, dan een keizersnede.
De details van die nacht bespaar ik jullie. Natuurlijk heb ik alle cliché’s uit de kast getrokken, van het gillen dat ik het niet meer wil tot ‘geef me nú iets tegen de pijn!’.
De persfase haal ik, maar na een half uur persen moeten we toch naar de operatiekamer omdat de hartslag van de baby omlaag gaat. Uitgeput als ik ben, word ik bijna blij van dat nieuws. Dat gevoel gaat al snel weg als blijkt dat de ruggenprik die ik voor de operatie krijg niet aan blijkt te slaan en ik dingen voel die je écht niet wil voelen (yup.) Godzijdank brengen ze me snel onder narcose.

Een selfie nemen terwijl je vriendin door hel gaat is altijd een goed idee.

Een selfie nemen terwijl je vriendin door hel gaat is altijd een goed idee.

Ik word wakker op de uitslaapzaal. Alleen.
Ik kijk om me heen. Waar is Lennart? Waar ben ik eigenlijk? Waar is mijn kind?
Al snel komt er een man naar me toe. ‘Gefeliciteerd met Elliot,’ zegt hij. ‘Lennart komt er zo aan.’
Er zit niks anders op dan te wachten. Hoe laat is het eigenlijk? Hoe lang heb ik geslapen?
Het blijkt niet zo lang te zijn. Lennart komt naar me toe en laat me een foto zien van Elliot. Ik ben nog behoorlijk vlak van de morfine en vraag: ‘Is het wel een leuk kind om te zien?’
Lennart lacht en knikt. ‘Hij is prachtig.’

We gaan terug naar de verloskamer waar ik opgefrist word voordat we naar Elliot gaan. Hij doet het goed en is gezond, maar omdat hij zo vroeg geboren is ligt hij in de couveuse op de kinderafdeling. Daar word ik met bed en al naartoe gereden om kennis te maken. Ik ben best zenuwachtig. Normaal zegt iedereen altijd tegen je: ‘Een bevalling is hard werken en pijnlijk, maar het moment dat je je kind op je borst krijgt vergeet je alles.’
Dat stukje heb ik natuurlijk gemist. Ik vroeg me af of ik hem überhaupt mocht aanraken.
Eenmaal op de kinderafdeling wijst Lennart naar een couveuse met blauwe onderkant. ‘Daar ligt-ie.’
Ze zetten mijn bed naast de couveuse en ik zie daar in alle rust het mooiste, kleine mannetje liggen dat ik ooit heb gezien. Hij kijkt om zich heen met die grote ogen die hij heeft gekregen. De couveuse mag even open en ik mag hem aanraken. Hij is zacht en warm. Ik kan bijna niet geloven dat hij echt van mij is. Pas als hij eindelijk even uit de couveuse mag en ik hem in mijn armen krijg voel ik het. Als Lennart en ik een tijdje met hem gezeten hebben mag de rest van de familie (die de nacht op de gang doorgebracht hebben) kennis komen maken met hun kleinzoon/neefje.
Ik ben een trotse mama.

11025974_982601065092409_3525391700245066607_o

Oké, dus het is niet zo gegaan als ik had gehoopt. Het herstel van een keizersnede duurt best lang, een week heen en weer schuifelen door de gangen van het ziekenhuis om mijn kind te zien en in het holst van de nacht kolven om de borstvoeding op gang te krijgen… Maar het belangrijkste is dat Elliot gezond op deze wereld is gekomen. Ik ben blij dat de gynaecoloog de beslissing zo snel nam en ondanks dat het een helse nacht was, is het me toch allemaal waard geweest als ik mijn kleine man zie.
In plaats van vrijdag een week later mogen we die zondag al naar huis nadat Elliot binnen no time van de high care afdeling naar medium care ging en zelf zijn sonde eruit trok. Dat meneer haast had was al duidelijk.
En ik ben blij toe, want nu kan ik extra lang van onze tijd samen genieten. 

Elliot, morgen alweer 3 weken oud.

Elliot, morgen alweer 3 weken oud.